Beste lezer. Voor velen van ons ligt de vakantie weer achter ons. Zo ook voor ondergetekende, die dit jaar in Hongarije was. Het was mijn tweede bezoek aan Hongarije, met een tussenpoos van 7 jaar. De reis die ik maakte volgde hetzelfde pad als 7 jaar geleden en de locatie die ik bezocht was ook dezelfde. En natuurlijk kan het niet anders of er viel mij een aantal zaken op...
U begrijpt dat ik niet meer de deur uit kan zonder dat mijn oog valt op zaken die betrekking hebben op duurzaamheid en MVO, zoals dat hoort bij een gezonde beroepsdeformatie. En vervolgens leidt dat tot bespiegelingen wat 'wij in NL' daar nu van kunnen leren of tot welke kansen het leidt.
De reis - per auto - voerde ons door Duitsland, Oostenrijk en Hongarije. In Duitsland hoef je de snelweg niet te verlaten om te zien dat de toepassing van zonne-collectoren daar veel verder ontwikkeld is dan in Nederland. Begrijpelijk gezien de keuze die men een aantal jaar geleden gemaakt heeft om de aanschaf te belonen met een goede prijs per opgewekte kWh. Maar er is meer aan de hand. In Duitsland wordt ook op locaal niveau samengewerkt om als dorp energie-initiatieven te ontplooien. Iets wat in Nederland nog slechts zeer beperkt gebeurt en dan nog vaak alleen in nieuwbouw wijken. Ik stelde mij meteen de vraag: kan dat in Nederland niet, bijvoorbeeld in mijn dorp? Heeft het iets met onze sociale structuren te maken of is het gewoonweg niet rendabel te maken? Werken de traditionele 'nutsbedrijven' niet mee? Of is het nog onvoldoende onderzocht? Hier valt voor NL nog wel wat te leren en te verbeteren!
Oostenrijk en Hongarije laten vooral veel windmolens zien op de open vlaktes, vooral in de grensgebieden. Overigens heb ik op de heenreis (zelf sturen) en terugreis (regen, regen, regen) van Oostenrijk sowieso niet veel gezien, maar dat terzijde.
In Hongarije vielen mij vooral de volgende twee zaken op.
Allereerst de ontwikkeling van de infrastructuur en de bebouwde omgeving. Er is weinig verschil met 7 jaar geleden. Daar waar geld is, worden huizen opgeknapt maar vooral cosmetisch. Duurzaam bouwen, het toepassen van duurzame materialen, isolatie en energiezuinige installaties is nog geen gemeengoed. De buurman/-vrouw van het opgeknapte huis, moet nog water halen aan een openbaar tappunt aan de straat omdat hij/zij nog niet op het waterleidingnet is aangesloten. Er wordt nog veel op olie, hout en zelfs bruinkool en turf gestookt. Er zijn locaal grote verschillen in niveau van infrastructuur. Ook de verschillen tussen de stad en het platteland zijn nog heel groot als het gaat om infrastructuur en renovatie. Waarbij de ontwikkeling op het platteland nog ver achterblijft bij die in de stad, waar dat bij ons en in de ons omringende landen al veel verder genivelleerd is.
Het tweede wat mij opviel was dat zich in versneld tempo een proces voltrekt dat bij ons ook plaatsvindt, namelijk de opmars van de winkelketens. En dus het wegdrukken van de locale ondernemers. Vergelijkbaar met wat u in Frankrijk op vakantie aantreft: u moet soms vele kilometers rijden om bij een groot complex van Super-U of Carrefour te belanden, waar u vervolgens alles kunt kopen wat uw hartje begeert. Zo ook hier. De Tesco (24/7) en de Spar hebben vaste voet aan de grond en drukken de locale bakker, groenteboer en slager weg. En gezien de afstanden tot de dichtstbijzijnde supermarkt en de soms nog matige infrastructuur levert dat weer een hoop extra mobiliteit op. De ketens springen handig in op het verlangen van de consument om de achterstand in welvaart weg te werken en wakkeren consumptiedrift aan. Kritische vragen m.b.t. duurzaamheid worden (nog) niet gesteld.
Begrijp me goed, ik misgun de Hongaren hun verbeterde welvaart niet. Maar ik zie wel dat men aan de ene kant achterstand inloopt (welvaart) maar anderzijds weer achterstand opbouwt (duurzaamheid).
Wat kunnen wij daarvan leren? M.i. liggen hier kansen. Kansen voor ontwikkeling van afzetgebied voor energiezuinige ketels, boilers, WarmteKracht installaties, et cetera. Ook het ontwikkelen van duurzame (logistieke) concepten waarmee direct geld en energieverbruik gereduceerd worden moet kans van slagen hebben. Zeker gezien de aandacht die er ook in Brussel is voor de energiezuiniger ontwikkeling van de Europese landelijke gebieden. Ook het toetsen en waar mogelijk verbeteren van het duurzame aan bod in de winkelketens - en dus voorkomen dat men achterstand opbouwt - biedt mogelijkheden . Ook hier is waarschijnlijk in Brussel aandacht voor!
Het werd mij tijdens mijn vakantie wel duidelijk dat 'we' aan de bak kunnen (en moeten). Er is nog een wereld te winnen en er liggen nog voldoende kansen!
Michiel